Rampjaar in de Meierij

Van het leveren van karren tot het brandschatten van dorpen: de inwoners van de Meierij worden hard getroffen tijdens het Rampjaar. In een brief aan Stadhouder Willem III doen ze hun beklag...

niveau
  • Aen Sijn Hoocheijt.
    Geven onderdanichlijck te kennen de arme
    en gantsch bedor­ven ingesetenen der Meijerije
    van Shertogen­bosch, hoe dat sij supplianten gedurende
    dese seer droevige oorlo­ge sijn boven 't bewuste
    be­derff en inloge­ringe hen overgecomen door de
    vijan­den, mits­ga­ders con­tribu­tien der over­groote
    brantschatten, daer­door sij vervallen sijn inde
    uutterste armoe­de hebben moe­ten presteren aende
    Staet alderhan­den leverantien van pallisaden
    arbe­ijd­ers, pennin­gen, tot slech­ten ende op­maecken
    vande fortifi­ca­tien tot Shertogen­bosch en om-
    ­leg­gende fortres­sen, Heusden, Creveceur en ander-
    sints en tot dien inde jaeren 1672 ende 1673 veele
    karren moeten leve­ren emporterende een over-
    groote somme meer als hare sch­ul­dige lasten van
    ver­pondinge ende gemeene middelen en in desen
    jaere 1674 een getal van over de hondert karren
    in sijn Hoocheijts leger furnieren elck met twee
    peerden dat nu wederom 25 karren daer toe gedaen
    is, kostende haer daegelijx meer als acht hondert
    gul­dens aengesien sij de tractamen­ten bij het
  • Aen Sijn Hoocheijt.
    Geven onderdanichlijck te kennen de arme
    en gantsch bedor­ven ingesetenen der Meijerije
    van Shertogen­bosch, hoe dat sij supplianten gedurende
    dese seer droevige oorlo­ge sijn boven 't bewuste
    be­derff en inloge­ringe hen overgecomen door de
    vijan­den, mits­ga­ders con­tribu­tien der over­groote
    brantschatten, daer­door sij vervallen sijn inde
    uutterste armoe­de hebben moe­ten presteren aende
    Staet alderhan­den leverantien van pallisaden
    arbe­ijd­ers, pennin­gen, tot slech­ten ende op­maecken
    vande fortifi­ca­tien tot Shertogen­bosch en om-
    ­leg­gende fortres­sen, Heusden, Creveceur en ander-
    sints en tot dien inde jaeren 1672 ende 1673 veele
    karren moeten leve­ren emporterende een over-
    groote somme meer als hare sch­ul­dige lasten van
    ver­pondinge ende gemeene middelen en in desen
    jaere 1674 een getal van over de hondert karren
    in sijn Hoocheijts leger furnieren elck met twee
    peerden dat nu wederom 25 karren daer toe gedaen
    is, kostende haer daegelijx meer als acht hondert
    gul­dens aengesien sij de tractamen­ten bij het
  • Aen Sijn Hoocheijt.
    Geven onderdanichlijck te kennen de arme
    en gantsch bedor­ven ingesetenen der Meijerije
    van Shertogen­bosch, hoe dat sij supplianten gedurende
    dese seer droevige oorlo­ge sijn boven 't bewuste
    be­derff en inloge­ringe hen overgecomen door de
    vijan­den, mits­ga­ders con­tribu­tien der over­groote
    brantschatten, daer­door sij vervallen sijn inde
    uutterste armoe­de hebben moe­ten presteren aende
    Staet alderhan­den leverantien van pallisaden
    arbe­ijd­ers, pennin­gen, tot slech­ten ende op­maecken
    vande fortifi­ca­tien tot Shertogen­bosch en om-
    ­leg­gende fortres­sen, Heusden, Creveceur en ander-
    sints en tot dien inde jaeren 1672 ende 1673 veele
    karren moeten leve­ren emporterende een over-
    groote somme meer als hare sch­ul­dige lasten van
    ver­pondinge ende gemeene middelen en in desen
    jaere 1674 een getal van over de hondert karren
    in sijn Hoocheijts leger furnieren elck met twee
    peerden dat nu wederom 25 karren daer toe gedaen
    is, kostende haer daegelijx meer als acht hondert
    gul­dens aengesien sij de tractamen­ten bij het
  • Aen Sijn Hoocheijt. Geven onderdanichlijck te kennen de arme en gantsch bedor­ven ingesetenen der Meijerije van Shertogen­bosch, hoe dat sij supplianten gedurende dese seer droevige oorlo­ge sijn boven 't bewuste be­derff en inloge­ringe hen overgecomen door de vijan­den, mits­ga­ders con­tribu­tien der over­groote brantschatten, daer­door sij vervallen sijn inde uutterste armoe­de hebben moe­ten presteren aende Staet alderhan­den leverantien van pallisaden arbe­ijd­ers, pennin­gen, tot slech­ten ende op­maecken vande fortifi­ca­tien tot Shertogen­bosch en om- ­leg­gende fortres­sen, Heusden, Creveceur en ander- sints en tot dien inde jaeren 1672 ende 1673 veele karren moeten leve­ren emporterende een over- groote somme meer als hare sch­ul­dige lasten van ver­pondinge ende gemeene middelen en in desen jaere 1674 een getal van over de hondert karren in sijn Hoocheijts leger furnieren elck met twee peerden dat nu wederom 25 karren daer toe gedaen is, kostende haer daegelijx meer als acht hondert gul­dens aengesien sij de tractamen­ten bij het

    Let hier op

    Transcribeer de handgeschreven tekst in principe zo letterlijk mogelijk.

    Voor een goede werking van de automatische controle van je invoer en om verschillen in werkwijzen tussen archiefdiensten en onderzoekers te voorkomen, zijn er een paar uitzonderingen op het letterlijk transcriberen afgesproken:

    • Typ een ij voor y, behalve wanneer het echt een y moet zijn (bv. Lyon of hypotheek).
    • Typ afkortingen zoveel mogelijk voluit, behalve bij (samengestelde) woorden die je ook zo uit zou spreken (bv. t'selve blijft dus t'selve en wordt geen het selve).
    • In de oorspronkelijke tekst worden woorden op diverse manieren, al dan niet met streepjes, haaltjes e.d. afgebroken, maar gebruik in je transcriptie altijd een min-
      teken, zoals in modern Nederlands.

    Verschillen tussen kleine letters en hoofdletters, spaties, regeleinden en witregels worden tijdens de controle genegeerd, maar probeer deze voor de leesbaarheid natuurlijk wel zo letterlijk mogelijk over te nemen.

    'Wat staat daer?' is nadrukkelijk bedoeld om het lezen van oude handschriften te oefenen, niet om het maken van transcripties te leren. Wil je over dat laatste meer uitleg? Lees verder >