Overslaan en naar de inhoud gaan

Forum

Familie Roest in Testament 1680 uitzoeken

Ik probeer de geschiedenis van de familie Roest uit te zoeken. Ik kwam een interessant stuk uit 1686 tegen in het West-Brabants Archief over Steven Roest en zijn familie; het is het testament van de vrouw van Steven Roest, Margriete Muishout:

https://westbrabantsarchief.nl/collectie/voorouders/deeds/b5d2bafe-4865…

Helaas kan ik het testament niet goed ontcijferen. Ik wil graag weten wie wie is. Het lijkt er op dat Steven, Ottho en Willem broers zijn en dat de andere anderen kinderen van Ottho en Willem zijn; Janneken, Geertruyt, Reynier, Anna. Klopt dat? En welk kind hoort bij wie? 

Ik werd naar deze site doorverwezen door het West-Brabants Archief. Kunnen jullie helpen?

Reacties (4)

René van Weeren zei op do, 06/19/2025 - 11:25

Beste Gerben,

Je hebt een mooie bron hiermee getroffen, als genealoog zijn dit pareltjes voor het ontrafelen van de familieconnecties, zeker omdat het testament naast haar wettige erfgenamen ook een aantal legaten bevat die dus eerst uitgekeerd dienen te worden voordat het restant wordt verdeeld over de wettige erfgenamen. Ik kwam tot de volgende relaties en legaten, het testament is opgemaakt op 4 augustus 1686 voor en door Adriaen Schipperts, notaris te Bergen op Zoom.

Testatrice is Margrieta Muijshout, weduwe van Steven Roest.

Eerste legaat is aan de armen van Bergen op Zoom: eenmalig 6 gulden

Pauwels Roest en Thomas Roest, neven van testatrices (kinderen van wijlen Ottho Roest, broer van haar echtgenoot): ieder 100 gulden, waarvan de 100 gulden voor Thomas onder beheer van haar nicht Geertruijt Roest (dochter van Willem Roest, zie hieronder) blijft totdat Thomas uit Oost-Indië teruggekeerd zal zijn; mocht Thomas overlijden of al overleden zijn, dan gaat zijn erfdeel naar broer Pauwels.

Kinderen wijlen Willem Roest, ook broer van Ottho: Janneken Roest erft 150, Anna Roest en Reijnier Roest ieder 100 gulden. Het vierde kind van Willem Roest, Geertruijt Roest (die tevens dus de erfenis van Thomas (zie hierboven) beheerde), erfde echter het meeste.

Geertruijt (huisvrouw van Dignis de Vriese) erft het woonhuis van Margrieta Muijshout, genaamd De Dalen met de bijbehorende grond, gelegen op het hoekje van de Kremerstraat aan de Vischmarkt (het huidige Sint-Catrharinaplein), inclusief alle huisraad, meubelen, al het tin- en koperwerk, schilderij, het bed met toebehoren, de kast in de slaapkamer, maar met uitzondering van lijnwaad en de inhoud van de kast. Geertruijt erft ook de winkel met alle toebehoren zoals stoffen en lijnwaden, maar uitgezonderd Engelse en andere lakense stoffen. Wel erft zij ook de spiegel, de hardhouten kast en de (kleding)pers die zich op de kamer van Margrieta bevinden.

Aan de 2 niet met name genoemde kinderen van haar nicht Anna Heijnsbergen en de echtgenoot van die nicht NN Loucke (beiden overleden; de voornaam van de echtgenoot is open gelaten, maar hij was gezien de achternaam waarschijnlijk verwant aan de echtgenoot van Maria Heijnsbergen, zie hieronder) legateert zij ieder 300 gulden.

Margrieta laat aan haar nicht Maria Heijnsbergen, weduwe wijlen Adriaen Loucke (zie ook hierboven, Adriaen was vermoedelijk familie van de echtgenoot van Anna heijnsbergen) eenmalig 300 gulden na.

Het restant van de erfenis komt dan toe aan haar wettige erfgenamen:

- de afstammelingen van haar overleden zus Rachel Muijshout, gehuwd geweest met Rombout van Hamerstede

- de afstammelingen van haar eveneens overleden zus Anneken van Muijshout, gehuwd geweest met de predikant Henderick Heijnsbergen

- de afstammelingen van haar (vermoedleijk nog in leven zijnde) zus Johanna Muijshout, echtgenote van Dirck van Hattem

 

 

Geert Ouweneel zei op do, 06/19/2025 - 12:23

In den name des Heeren, amen. Heden, den
4e Augusty 1687 compareerde
voor mij Adriaen Schipperts, notaris
publicq, bij den Ed. Rade van Brabant in
s'Gravenhage geadmitteert, tot Bergen opten
Zoom residerende, mette getuygen naerge-
noemt, jouffrouw Margrieta Muyshout, 
weduwe wijlen Sr. Steven Roest, mij nota-
ris wel bekent, sijnde gesont van
lichame, gaende ende staende, haer
verstant ten vollen machtich, gelijck 
opentlijck bleecke, ende verclaerde
niet geerne uyt dese weerelt te scheyd-
den sonder van hare tijdelijcke goederen
gedisponeert te hebben, waeromme de-
selvde bij desen uyt haer eygen vrijen ende
onbedwongen wille heeft gemaeckt
ende geordonneert dit haer testament
in der manieren naervolgende: in den
eersten heeft de testatrice hare ziele,
wanneer die uyt haer lichaem sal
comen te scheyden, bevolen in de genadige
handen van Godt Almachtich, ende 
haer doode lichaem de toegeëygende
aerde, met eene eerlijcke ende Christelijcke
begraeffenisse naer haer staet ende gele-
gentheyt, item heeft bij desen aen den armen
deser stadt gelegateert de somme van ses
gulden eens, noch soo heeft de testatrice
bij desen gelegateert aen Pauwels Roest
en Thomas Roest, kinderen wijlen Ottho
Roest, haer voorn. mans broeder was,
yder de somme van een hondert gulden, ende
sal de een hondert gulden van Thomas
Roest moeten blijven berusten onder haere
nichte Geertruyt Roest, hieronder ge-
noemt, tot der tijt ende wijlen den voorsz.
Thomas Roest uyt Oostindien, waer
over eenigen tijt naer toe is gevaren, 
sal wedergekeert sijn, doch off het
mochte gebeuren, dat den voorsz. Thomas Roest
eer thuys quam deser weerelt quame te
overlijden, ofte dat nu gestorven mochte
sijn, soo sal de voorsz. een hondert gulden bij
sijn broeder den voorsz. Pauwels mede ge-
trocken ende genoten worden, noch soo /
heeft de testatrice bij desen gelegateert aen de
ondergenoemde kinderen wijlen Willem
Roest, mede haer man saligers broeder was, 
namentlijck aen Janneken Roest de somme
van een hondert vijftich gulden, item aen Anna
ende Reynier Roest yder de somme van
een hondert gulden, item aen Geertruyt Roest,
huysvrouwe van Dignis de Vriese, haere
huysinge ende erve, genaemt Den Dalm,
gestaen ende gelegen opt houckje van de
Creemerstrate aende Vischmarct alhier,
waerin de testatrice is woonende,
met alle ende een yegelijcke den huysraet ende meubelen,
soo van tin, coper, schilderien, het bedde
met sijne toebehoorten, koffer etc., sijnde
in het camerken waerin de testatrice
comt te slapen, uytgesondert het lijn-
waet ende t'gene verder in de kasse daer
staende mochte sijn, t'gene alleen ende anders
niet onder den voorsz. huysraet ende meubelen
niet en sal begrepen sijn, noch soo heeft
de testatrice aen de voorsz. Geertruyt
Roest gelegateer haren winckel
met alle ende een yegelijcke de goederen
daerin sijnde, soo van stoffen, lijnwaeten
etc., behalvens dat alleen onder deselvde
goederen niet en sullen begrepen sijn te
Engelse ende andere laeckenen in den voorsz.
winckel sijnde, ende anders niet, mits-
gaders ende ten laesten de hertperse ende houten spiegel kasse,
gestaen ende hangende op de boven voorcamer 
van der testatrice voorsz. huysinge, comende van haeren soon saliger,
item heeft de testatrice bij desen geprelegateert
aen de twee naergelaten kinderen wijlen
hare nichte Anna Heynsbergen, verweckt 
bij [open plek] Loucke, yder de somme
van drye hondert gulden, sijnde voor hun
beyden de somme van ses hondert gulden,
eyndelijck heeft de testatrice bij desen
noch geprelegateert aen hare nichte
Maria  Heynsbergen, weduwe wijlen Adriaen
Loucke, de somme van drye hondert
gulden eens, waermede de testatrice 
comende tot dispositie van hare verdere
goederen, soo roerende als onroerende,
geene uytgesondert ofte gereserveert,
waer ende op wat plaetse die gelegen, ofte /
bevonden soude mogen worden, alle de-
selvde heeft sij testatrice bij desen ge-
geven, gegunt ende gemaeckt aen de gesamentlijcke
kinderen ende kintskinderen bij representatie
van wijlen hare susters Rachel ende
Anneken Muyshout, d'eerste gewesen
huysvrouwe van Sr. Rombout van Hamerstede
ende d'andere van de heer predicant Hendrick Heynen,
ende aen de kinderen van hare 
suster jouffrouwe Johanna Muyshout, huys-
vrouwe van Sr. Dirck van Hattem
ende dat staecx ende niet  hooffs gewijse, 
ten respecte van de kinderen ende
kintskinderen wijlen hare suster Anneken
Muyshout, maer ten reguarde van de
kinderen van  hare susters jouffrouwe
Rachel ende Johanna Muyshout hooft
ende niet staecx gewijse, welverstaende
dat de kintskinderen, als
stellende in manieren deselvde voor hare eenige
ende universele erffgenamen, met vollen rechten
van institutie, t'gene voorsz verclaerde
de testatrice te wesen haeren uuttersten
wille, allegeerende dat hetselvde ende
t'gene sij met haer eygen
hant sal comen te schrijven even off het
van woorde tot woorde hierinne
geinsereert was, naer haer doot sal
naergecomen ende achtervolcht worden,
t'sij als testament, codicille, gyfte
uyt saken des doots, ofte andersints,
soo ende gelijck een yders dispositie
alderbest bestaen ende valideren mach.
Actum binnen Bergen voornt. ten dage,
maende ende jare als voren, ter pre-
sentie van Sr. Johan Boeyens en Thomas
Claessen, poorters deser stadt, als getuygen hier-
toe versocht ende gebeden.
Margrita Muyshout, weduwe Steven Roest
J. Boyens
Tomas Klaessen
Quod attestor A. Schipperts, notaris

Gerben Roest zei op do, 06/19/2025 - 18:11

Wow, dank Geert en Rene! Wat een expertise en snelheid! Dit helpt mij enorm. Bij de meeste documenten kan ik het met DTB-boeken wel reconstrueren maar deze familie is blijkbaar erg op drift geweest. Thomas is niet te vinden en ook Willem en zijn kinderen heb ik nog niet kunnen traceren. Ottho heeft zijn kinderen in Utrecht gekregen. Ik heb nog wel een registratie van Ottho gevonden uit 1643: 

https://www.openarchieven.nl/hua:2F22B179-6235-B85F-E063-8F04000ABC50

Daar wordt een andere roest genoemd. Wouter Maesz Roest. Ik denk dat de naam van de vader van Ottho, Steven en Willem de naam Maes had. Dus mogelijk is Wouter ook een broer. Als jullie daar info over kunnen halen uit het document dan wordt het nog mooier.

 

René van Weeren zei op do, 06/19/2025 - 22:58

Wouter Maesszen is inderdaad een broer van Ottho, Steven en Willem.

Deze akte is opgemaakt op 6 juni 1643 (oude stijl, Utrecht hanteerde tot 1700 nog de oude Gregoriaanse kalender, zie ook https://watstaatdaer.nl/het-jaar) door en voor Nicolaes Verduyn, notaris te Utrecht.


Comparanten waren:
1) Atto Maesszen Roest, adelborst onder de compagnie van de heer kolonel Herbert, verschenen namens zichzelf
2) Willem Ernst, burger van Wageningen, verschenen als man en voogd van Marguarietgen Roest, bij wie hij op dat moment nageslacht heeft

Zij verschijnen als erfgenamen, elk voor 1/5 deel, van hun broer, respectievelijk zwager, wijlen Wouter Maesszen Roest, in zijn leven koetsier van de heer van 's Heeraartsberg (een ambacht nabij Bergambacht).

Deze beide comparanten machtigen mr. Ernst van den Wall, operateur en pestmeester-ordinaris van de stad Utrecht en van de Staten van Utrecht, tevens een neef van beiden, om de zaken rond verkoop en de overdracht (transport) van een belegging, groot 650 guldens van Wouter Maesszen gedaan tegen de provincie Utrecht.

Reageer op dit bericht

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
Slechts één bestand.
10 MB limiet.
Toegestane types: png gif jpg jpeg.