Welk stuk tekst bedoel je? Dat op de linkerpagina (een onvolledige akte) of het stuk dat rechtsonderaan begint. Dat is daarna nog eens 3 pagina's?
Goedemorgen, kan iemand mij deze akte ontcijferen?
Hartelijk dank,
Dieuwertje Goedkoop.
Welk stuk tekst bedoel je? Dat op de linkerpagina (een onvolledige akte) of het stuk dat rechtsonderaan begint. Dat is daarna nog eens 3 pagina's?
Ja, dat wat onderaan begint. Inderdaad nog 3 paginas … Daarom lijkt het mij interessant, want het gaat du niet alleen maar om een verkoop… Sorry, maar ik neem aan dat u de enige bent die dat verhaal vlotweg kan doorlezen. Mij interesseren de familierelaties die in zulke stukken kunnen doorkomen.
Ben wel bang dat ik deze puzzel onafgemaakt naar mijn graf zal moeten dragen :-))
Wij, Albert Cantert Pietersz ende Dirck Florysz,
schepenen in Aemstelredamme, oirconden
ende kennen dat voor ons quam Seger
Marinsz, coornmeter, ende geliede
tot eenen vrijen eygendomme vercoft ende
quijtgeschonden te hebben Jacob
Jansz, cleerbessemmaicker, drie roeden /
ende een vierendeel van een roede lants, gelegen buyten
Jan Roedenpoort an deser Stede Singel, dair
naeste lendenden off zijn Marten Jansz
an de oostsijde ende Pieter Cornelisz
an de westsijde, streckende voor van den
halver gemeene sloot tot achter an der
halver gemeene sloote, onder expresse
condtitien dat men de sloot
an de noortsijde vant voorsz. lant
gelegen tot eene gemeene vaert tot behouff
van den convente van Sinte Margrieten
binnen deser stede tot eewigen dage
uuyt sal blijven twaelff voeten,
ende sal de voorsz. Jacob Jansz
mit d'andere gebueren mede vant
voorsz. convente aldair lant gecoft
hebbende becostigen ende tot eewigen
dagen onderhouden buyten coste vant
voorsz. convent die brugge die over
die voorsz. sloot gemaict zal werden,
mits die gestelt zal werden opt
voorste eynde vant part van Claes
de Gorters lant ende deselve brugge zoe
hoech te maicken dat men dair deur
bequamelicken met een praem hoys ende
dagelijcx te melcken varen mach, des
sal 'tvoorsz. convent laten tot een vrije
vaert de sloot leggende neffens hoer
lant an de Singel, streckende uuyt de
noordersloot tusschen Sinte Pieters
ende t'voorsz. convents lant gelegen tot
Sinte Margrieten sloot voorsz. sal /
mede de voorsz. Jacob Jansz op zijn voorsz. lant
zoe verre 'tselve strect gehouden wesen,
gelijck zijn gebuyren een pat te maecken
ende tot eewigen dagen t'onderhouden
van vier voeten breet, hooch ende drooch,
welck pat alle d'andere gebuyren opt
voorsz. lant gelegen mede gebruycken
zullen, ende hij geliede dair
off all voldaen ende wel betaelt te
wesen, den lesten penninck mitten eersten,
soedat hij daeromme als principael
Philips de Bisscop, notarys ende Dirck
Martinsz de huystimmerman mede voor
ons schepenen voornt. comparerende als
waerborgen beloofden tesamen ende elcx
voor all de voorsz. Jacob Jansz
t'voorsz. lant in manieren voorsz. te vrijen
ende vrij te waren Jair ende dach als men
in gelijcken schuldich is te doen ende alle
oude brieven off te neemen, uuytgeseyt
van drie karolus gulden jaerilycxe losrenten
dairop staende, nair luyden den
principalen pachtbrieve dairvan zijnde,
des beloofde de voorsz. Seger
Marins wederommem sijn voorsz. borge
te vrijen alst behoort, sonder acht ende
list. In oirconde desen brieve besegelt
mit ionsen segelen, gegeven opten
negen ende twintichsten dach in Meye
int jair ons Heeren duysent vijfhondert
vier en tsestich, ondergetyckent Isbert Jacobs.
Dieuwertje
zei op donderdag 2 juli 2026 - 10:46