Beste Rochus, je kunt gerust zijn, over je voorvader niets dan goeds in dit stuk
Willem van Driell
Scepen(en) Gerits en(de) Hanricks* ad instantia** Willems van Driell ver-
claert Joest de Vos alt XLVIII [48} iaer(en) dat tande(re) tijd(en) ongeverl(ijck) acht
iaeren geleeden eenen iongman genaemt Aert van Tuyll bij hem ge-
woent en(de) als passementwercker sijn hantwerck bij hem geleert
heft d(en) tijt van twee iaer(en) en drie maend(en) ongeverl(ijck), en dat hij
den selven tijt gedueren(de) aen d(en) voirn(oemde) iongman geen ontrouwicheit
oft mesusen*** vernomen oft gespuert heeft, dan veeleer alle
goede geneigenheit en(de) inclinatie tot duecht en
aenneminghe van(den) handerlinge daer hij hem toegestelt hadde etc.
maent ende
* Ik vermoed dat hier twee namen staan, maar voor de zekerheid kun je dat vergelijken met andere teksten in deze bron
** Ter instantie, ten behoeve van
*** misdrijven, wandaden (vergelijk met het Engelse misuse)
Rochus van Tuijl
zei op vrijdag 12 juni 2026 - 11:03