Een Veerse leeuw voor de koning van Schotland 1474

Paaien naar de Schotse stapel

In de Middeleeuwen probeerden vele steden lucratieve handelsrechten te bemachtigen. Als een stad het stapelrecht van goederen had, bracht dat vele voordelen met zich mee. Het stapelrecht hield namelijk in dat goederen eerst in de stad die het stapelrecht had (stapelstad) moesten worden opgeslagen om daar ter verkoop te worden aangeboden. Zo had Middelburg het recht dat alle Franse wijnen bestemd voor de Nederlanden in deze stad verhandeld moest worden. Dordrecht was de enige plaats waar je terecht kon voor hout uit Duitsland. Brugge had het stapelrecht van goederen uit Schotland.

Veere had niets en keek met begerige ogen naar Brugge waar alle Schotse goederen werden verhandeld. En zo begon het grote paaien. De Veerse adel kon door haar positie als opperbevelhebber van de oorlogsvloot nogal eens een zeereisje maken. In een aantal gevallen is bekend welke cadeautjes vanuit Veere naar de koning van Schotland werden gestuurd.

"...een jonge leeuw, een koninklijk dier, goed getemd..."

In 1474 liet Hendrik III van Borssele een jonge leeuw verschepen naar het koninklijk paleis in Linlithgow. Hendrik stelde een prachtige paaibrief op, vol plichtplegingen en loftuitingen, en ondertekende eigenhandig. Als dank voor de leeuw kreeg de heer van Veere drie paarden terug.

Alle moeite en presentjes hadden uiteindelijk het gewenste resultaat. In 1541 werd het stapelcontract getekend tussen de heer van Veere en de vertegenwoordigers van de Koninklijke Steden van Schotland. Deze overeenkomst hield in dat de Schotten zich verplichtten met name genoemde handelsgoederen in Veere te verhandelen en hiervoor de nodige voorrechten kregen. Wat goederen betreft waren dit ongesponnen wol, wollen en linnen manufacturen, huiden en vellen, zalm, boter en leer. De Schotse stapel legde Veere geen windeieren. Het stadje groeide uit tot een welvarende handelsplaats.

De periode van welvaart duurde tot circa 1700. Bij tussenpozen verhuisde de Schotse stapel naar andere steden en deed Veere alle mogelijke moeite om het stapelrecht terug te krijgen. In 1799 was het definitief afgelopen met de Schotse stapel in Veere.

Nederlandse vertaling van de in het Latijn geschreven brief voor de koning

Zeer verheven en machtige vorst, toegenegen en geliefd en daarom het meest te achten heer. Aan uw roemrijke edelmoedigheid vertrouw ik mij toe, zoveel ik kan; u nederig bekendmakend, dat ik, vanwege de bijzondere trouw en gunst waarmee ik word vervuld door uw edelmoedigheid en aan wie ik met mijn ziel toegewijd ben, u door de bezorger van deze brief, Hendrik Adriaansz., zeeman, mijn onderdaan, een jonge leeuw zend, een koninklijk dier, goed getemd. Ik smeek u in uw edelmoedigheid, vanuit een goed hart, dat u zich zal verwaardigen juist dit geschenk van mij, hoewel uiterst klein, maar wel aangeboden met grote genegenheid, te ontvangen met vreugde en instemming en dat u mij als trouwe en eeuwige dienaar wil beschouwen en erkennen. En dat u het moge beschouwen als vaststaand en niet aan twijfel onderhevig, dat ik mij in alle dingen, hoe moeilijk ook, voor zover het voor mij mogelijk is, mijn dienstbaarheid en mijzelf aanbied en dat ik mij daartoe altijd zeer bereidwillig toon. Bovendien, wat ik ook maar aan de bevordering van vriendschap, hulp en bijstand aan de onderdanen van uw koninkrijk Schotland die naar hier komen en die in mijn gebied en district verblijven, zal kunnen geven uit eer en genegenheid tot u, zal ik ditzelfde vanuit een goed hart met mijn gehele vermogen volbrengen en zeer graag vervullen. Dit met hulp van de almachtige God, die u, zeer verheven en machtige vorst, tevens geliefde en te achten heer, moge weldoen en gezegend moge bewaren voor lange tijd. Haastig geschreven vanuit mijn landgoed in Veere, 27 januari in het jaar 1474, door de geheel uwe en welwillende dienaar

Hendrik van Borssele, graaf van Grantpré
heer van Veere, van Zandenburg, van Phalais, enz.

Henry

Latijnse tekst in het Nederlands vertaald door Kees ’t Hart en Marian Bosselaar

Bronnen:

Zeeuws Archief, Archief stad Veere, toegang 2000. Ivo van Loo en Eline Sturm, 2018.
Geschiedenis van de Schotten in Veere. Peter Blom en Tiny Polderman - Stichting Veere-Schotland,1998-heden.
Een stapel problemen - De Schotse stapel in Veere. Michiel van Wijngaarden, 2019.
Een leeuw voor de koning van Schotland. Fred van der Kraaij, m.m.v. Michiel van Wijngaarden en Ivo van Loo, 2017.
Op zoek naar de leeuwen van Kampen. Verslag van een speurtocht. Fred van der Kraaij en Michiel van Wijngaarden. In: Kamper Almanak 2019, blz. 155-187.

Afbeeldingen:

  1. Gezicht op Veere. Kopergravure door C.J. Visscher, 1590. Zeeuws Archief, Zeeuws Genootschap, Zelandia Illustrata, deel II, toegang 295, catalogusnummer 991.
  2. Staande leeuw. Ets door Wenceslaus Hollar naar een tekening van Albrecht Dürer, 1649. Rijksmuseum, objectnummer RP-P-OB-11.614.
  3. Brief van Hendrik van Borssele, heer van Veere, aan Jacobus III, koning van Schotland, waarin hij hem een leeuw ten geschenke aanbiedt, geleverd via schipper Hendrik Adriaansz., en hem verzekert van zijn vriendschap, 1474. 1 stuk. Zeeuws Archief, Archief stad Veere, toegang 2000, inventarinummer 408.