De bruid heeft verzocht om na de 1e afkonding van de 3 verplichte afkondigingen op 3 achtereenvolgende zondagen na de ondertrouw de 2e afkondiging uit te stellen, omdat haar gebleken is dat haar verloofde haar heeft voorgelogen en haar bovendien bedreigde. De namen in de marge-aantekeningen betreffen de namen van de schepenen die op dat moment volgens rooster dienst hadden als commissarissen van Huwelijkse Zaken. Uiteindelijk is met ieders instemming het voorgenomen huwelijk afgeblazen.
Voor de leesbaarheid in dit geval de tekst even doorlopend getranscribeerd zonder regelafbrekingen.
Commissarissen Hooft, Abba en(de) Hinlopen opt v(er)soeck van bruyt surcheren* het 2 gebodt alsoo zij v(er)claert dat hij haer veel heeft wijs gemaeckt t'welck soo niet en is en(de) haer oock zeer is dreygende.
Is afgedaen den 15 february 1648 met bewillinge** van perthijen, pr(esen)t Graef, Hooft en(de) Abba.
* surcheren = opschorten
** bewillinge = instemming
Gerrit de Niet
zei op zaterdag 10 oktober 2026 - 20:18